202 In de eeuwen daarna is het dorp gegroeid. Uit de 12de eeuw dateren een paar grote boerderijen, waarvan er één uitgebreid is beschreven door V/an Haaff (1985). Naar het schijnt heeft het dorp in de 11de en 12de eeuw een bloeiperiode doorgemaakt. Landbouw was uiteraard een belangrijk middel van bestaan, maar daarnaast moet ook ijzerwin ning balngrijk geweest zijn. Oerbanken en 'Klapperstenen' bevatten ijzer, dat met behulp van houtskool werd gewonnen. 0e ijzerslakken die overbleven zijn in Oud-Leusden in grote hoeveelheden gevonden. De sporen van middeleeuwse ijzerwinning zijn minder uniek dan ze misschien op het eerste gezicht lijken. Al in de jaren '20 vond de amateur-archeoloog J.D. Moerman op de Veluwe grote hoeveelheden ij- zerwinningsresten (Moerman, 1928, 1957). In de jaren '70 werd de draad weer opgepakt door H.A. Heidinga. Hij promoveerde in 1984 op een proefschrift over 'De Veluwe in de Vroege Middeleeuwen'. Helaas werd dit werk maar in zeer kleine oplage verspreid. Nadat een aantal nieuwe gegevens waren verwerkt en de meest wilde ideeën geschrapt, verscheen onlangs een engelstalige versie in boekvorm (Heidinga, 1987). De ge gevens die Heidinga aandraagt over de ijzerwinning en over veel andere aspekten van de middeleeuwse Veluwe, sluiten mooi aan bij de opgravings resultaten in Oud-Leusden. Het verslag van het onderzoek in Oud-Leusden houdt bij de 13de eeuw op. Nadien is het dorp door het teruglopen van de ijzerwinning en, meer nog, door het optreden van zandverstuivingen, steeds verder gekrompen. Een deel van de bevolking bouwde elders een nieuw bestaan op, onder meer in het veengebied van Leusbroek Nieuw-Leusden'Oud-Leusden werd een onopvallend gehucht, dat de laatste eeuw steeds dichter wordt ingesnoerd door asfalt. De beschrijving in de Archeologische Kroniek smaakt naar meer. De definitieve rapportage van de opgravingen zal echter nog wel een tijd op zich laten wachten. Voordat hij de gegevens van de vorige opgraving heeft uitgewerkt, spoedt de archeoloog zich alweer naar de volgende noodopgraving. Met de opleving van de economie neemt ook de bouw van huizen, fabrieken, kantoren en wegen weer toe. Archeologen hebben de grootste moeite om de bulldozers voor te blijven en ontberen vaak de tijd om gegevens uit te werken en te publiceren. Ik vrees dat we het voorlopig met de Archeologische Kroniek en een paar artikelen moeten doen. 203 Literatuur Haaff, G. van. "Gud-Leusden; rekonstruktie van een 12de eeuwse boer derij. Flehite jrg. 17 (1985) nr. 1-2, pp. 18-19. Heidinga, H.A. Medieval settlement and economy north of the Lower Rhine; Archeology and history of Kootwijk and the Veluwe (the Netherlands). Van Gorcum, Assen/Maastricht/Wolfeboro 1987. Moerman, J.D. "iJzerkuilen op de Veluwe". Tijdschrift Koninklijk Neder lands Aardrijkskundig Genootschap jrg. 45 (1928), pp. 744-758. Moerman, J.D. "Oude smeedijzerindustrie: ijzerkuilen en klapperstenen". Bijdragen en mededelingen Gelre 56 (1957). pp. 3-32. Tent, UIJvan. "Archeologische kroniek van de provincie Utrecht over de jaren 1970-1971". Maandblad Oud-Utrecht jrg. 49 (1976), pp.59-74. Tent, ÜJ.J. van. "De opgravingen bij Oud-Leusden". Flehite jrg. 17 (1985), nr.1-2, pp. 10-17. Tent, W.J. van. Archeologische kroniek van de provincie Utrecht over de jaren 1980-1984. Stichting Publikaties Oud-Utrecht, Utrecht 1988. Een nieuwe visie op de naam 'Heiligenberg' (n.a.v. A.D.A. Monna, Zwerftocht met middeleeuwse heiligen) Drs. R. Polak De heuvel achter huize 'de Hohorst' staat sinds jaar en dag bekend als de Heiligenberg. Die naam lijkt simpel te verklaren; al rond het jaar 1000 stond immers een klooster op de heuvel, en de monniken, die bis schop Ansfried er naar toe haalde, zullen er wel als heiligen hebben geleefd En, wie weet, misschien was er op die plaats wel een voor christelijk heiligdom Het verhaal over het klooster is al zó vaak verteld, dat men het haast kan dromen (1). In een recente Utrechtse dissertatie wordt evenwel nieuw licht op deze zaak geworpen, vooral ook voor wat betreft het ontstaan van de naam Heiligenberg. Daarom schenk ik hier enige aan dacht aan de studie van A.D.A Monna, getiteld: Zwerftocht met middel eeuwse heiligen (2) Wie een beetje in Leusdens verleden thuis is, weet dat het klooster Hohorst door bisschop Ansfried van Utrecht op diens oude dag gesticht werd. Ansfried had toen al een veel bewogen leven als edelman uit een vooraanstaand Limburgs geslacht achter zich. In zijn jeugd vergezelde

Digitaal tijdschriften archief - Archief Eemland

Historische Kring Leusden | 1988 | | pagina 4